152 stellingen voor debat en discussie in het voortgezet onderwijs, per thema en per leerjaar. Van luchtige opwarmers tot stellingen over AI, klimaat en democratie.
1Kies een thema hieronder, of filter op onder- of bovenbouw.
2Klik op een stelling: hij staat groot op het digibord, met de zones eens, twijfel en oneens.
3Start de 30 seconden denktijd en laat de klas een kant kiezen.
Stellingen waar elke leerling een mening over heeft, omdat ze er vijf dagen per week middenin zitten. Ideaal voor de eerste debatles of een mentoruur.
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Telefoon, social media en gamen
Dicht bij de belevingswereld van pubers en dus altijd raak. Past bij mediawijsheid, burgerschap en het mentoruur.
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Onderbouw
Digibord
Onderbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
AI en technologie
Actueel en voor veel leerlingen persoonlijk: ze gebruiken AI zelf al. Sterk als opening van een les over AI-geletterdheid, informatica of burgerschap.
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Duurzaamheid en klimaat
Stellingen met een directe brug naar aardrijkskunde, biologie, economie en NaSk. Werkt goed als voor-en-na-meting rond een lessenreeks.
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Onderbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Gezondheid en sport
Herkenbare stellingen voor biologie, LO en verzorging, maar ook voor een mentoruur over leefstijl.
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Onderbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Vriendschap en samenleven
Stellingen voor het mentoruur en burgerschap: over vriendschap, groepsdruk en hoe je met elkaar omgaat. Spreek eerst gespreksregels af.
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Onderbouw
Digibord
Onderbouw
Digibord
Onderbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Geld, werk en toekomst
Stellingen die aansluiten bij economie, LOB en financiële educatie. Juist in de bovenbouw goed om keuzes rond studie en werk scherp te krijgen.
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Onderbouw
Digibord
Onderbouw
Digibord
Onderbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Politiek en burgerschap
Klassieke debatstellingen voor maatschappijleer, geschiedenis en burgerschap. Laat leerlingen hier bij voorkeur argumenten van beide kanten verzamelen voor ze kiezen.
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Onderbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Ethiek en filosofie
Stellingen zonder goed of fout antwoord, voor filosofie, levensbeschouwing en elke les waarin je leerlingen hun aannames wilt laten onderzoeken.
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Onderbouw
Digibord
Onderbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Bovenbouw
Digibord
Stellingen per vak
Een stelling als lesopening: de klas kiest positie, en jouw les levert daarna de argumenten. Herhaal dezelfde stelling aan het eind en kijk wie er is verschoven.
Leuke stellingen om het stellingenspel te oefenen voordat het ergens over gaat. Laag risico, dus ook geschikt voor de eerste week met een nieuwe klas.
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Digibord
Gids
Stellingen in je les: werkvormen en tips
Dezelfde stelling werkt heel anders als stellingenspel, als lagerhuisdebat of als stille discussie. Hier kies je de werkvorm, stem je af op je niveau en schrijf je zelf een stelling die werkt.
01
Werkvormen met stellingen
Kies op wat je wilt bereiken: beweging, een fel debat, of juist ruimte voor de stille leerlingen.
Stellingenspel met hoeken
10 tot 15 min
Goed voor: Beweging en snelheid
De ene kant van het lokaal is eens, de andere oneens, het midden is twijfel. Leerlingen kiezen met hun voeten en jij interviewt per zone. De digibord-modus toont de zones en de 30 seconden denktijd.
Goed voor: Gevoelige onderwerpen en stille leerlingen
Een stelling in het midden van een A3-vel per viertal. Vijf minuten schrijven zonder te praten: argumenten noteren en met pijlen op elkaar reageren. Pas daarna wordt er gepraat.
Dezelfde stelling aan het begin en aan het eind van je les of lessenreeks. Vraag wie er is verschoven, en vooral: door welk argument?
Stap voor stap
Lagerhuisdebat
15 tot 25 min
Goed voor: Een fel debat met twee kampen
Twee kampen tegenover elkaar, en wie iets wil zeggen, gaat staan. Sneller en feller dan een klassengesprek, en met één simpele regel voorkom je dat drie leerlingen het hele debat voeren.
1Zet de stoelen in twee rijen tegenover elkaar (of laat leerlingen aan weerszijden van het lokaal staan). Het midden is voor twijfelaars.
2Toon de stelling en laat iedereen een kant kiezen. Jij bent voorzitter en geeft om en om het woord aan voor en tegen.
3Wie iets wil zeggen, gaat staan. Maximaal 30 seconden per beurt, en overlopen naar de andere kant mag altijd.
4Geef iedereen twee spreekkaartjes. Een beurt kost een kaartje; wie op is, luistert. Zo krijgen ook de stillere leerlingen ruimte.
5Sluit af met een stemming en de vraag: welk argument van de andere kant was het sterkst?
Een stelling die in 5 vwo een fel debat oplevert, valt in 2 vmbo-k stil als de beurten niet gestuurd worden. Kies je niveau.
Kies concrete stellingen dicht bij hun eigen leven (school, telefoon, sport) en houd de rondes kort. Zet zinsstarters op het bord: 'Ik ben het eens, omdat...' en 'Ik ben het oneens, want...'. Stuur de beurten strak: per kant wijst de groep één woordvoerder aan, de rest vult alleen aan als jij erom vraagt.
Werk met de aanvulregel: wie iets wil zeggen, vat eerst in één zin samen wat de vorige spreker zei. Laat iedereen vóór de discussie twee argumenten opschrijven, zodat ook de stille leerlingen iets hebben om in te brengen.
Verplicht reageren op de tegenpartij: je mag je eigen standpunt pas verdedigen nadat je het sterkste argument van de andere kant hebt genoemd. Benoem het verschil tussen een argument, een voorbeeld en een mening; dat sluit direct aan op betogen schrijven in de bovenbouw.
Laat leerlingen de aanname onder hun standpunt benoemen en vraag: 'onder welke voorwaarde zou je oversteken?'. Laat sterke leerlingen het standpunt verdedigen dat ze zelf niet hebben, en bespreek achteraf welke drogredenen er voorbijkwamen.
03
Wat maakt een goede stelling?
Zelf een stelling bij je lesonderwerp bedenken? Check hem aan deze vijf criteria. De meeste stellingen die in de klas mislukken, struikelen over de eerste twee.
CriteriumLiever nietBeter
1
Eén bewering, niet twee
Twee beweringen in één stelling geven leerlingen een uitweg: 'half eens'.
Liever niet: Huiswerk en toetsen zijn allebei zinloos.
Beter: Huiswerk moet worden afgeschaft.
2
Een mening, geen feit
Over een feit kun je opzoeken wie gelijk heeft; over een stelling moet je kunnen twisten.
Liever niet: Een groot deel van Nederland ligt onder zeeniveau.
Beter: Nederland moet stoppen met bouwen in laaggelegen polders.
3
Stevig geformuleerd
Woorden als 'moet', 'mag' en 'is beter' dwingen een keuze af. 'Heeft voor- en nadelen' doet dat niet.
Liever niet: Social media hebben voor- en nadelen.
Beter: Social media moeten pas vanaf je vijftiende toegestaan zijn.
4
Twee kanten met goede argumenten
Is iedereen het meteen eens, dan heb je een gesprek maar geen debat.
Liever niet: Pesten is slecht.
Beter: Wie toekijkt bij pesten en niets doet, doet mee.
5
Kort en zonder ontkenning
Een ontkenning in een stelling maakt 'eens' en 'oneens' verwarrend, zeker als je hem hardop voorleest.
Liever niet: Het is niet zo dat telefoons niet in de pauze horen.
Beter: Het telefoonverbod in de klas moet ook in de pauzes gelden.
04
Gevoelige stellingen veilig bespreken
Stellingen over afkomst, geloof, relaties of actuele conflicten raken sommige leerlingen persoonlijk. Dat is geen reden om ze te vermijden, wel om de werkvorm bewust te kiezen.
1Spreek eerst gespreksregels af met de klas, bijvoorbeeld met de werkvorm groepsafspraken maken. Verwijs ernaar zodra het schuurt.
2Kies bij stellingen die over identiteit gaan een schriftelijke vorm, zoals de stille discussie. Dan hoeft niemand voor de hele klas te gaan staan bij wie hij is.
3Wijs standpunten toe in plaats van ze te laten kiezen. Wie een rol verdedigt, praat over argumenten en niet over zichzelf.
4Check bij een actuele gebeurtenis eerst of er leerlingen persoonlijk bij betrokken zijn, bijvoorbeeld via de mentor.
5Sluit af met wat er geleerd is, niet met wie er gelijk had. De vraag ‘welk argument van de andere kant was het sterkst?’ doet dat vanzelf.
Vertel LesLoket je onderwerp, niveau en lesduur, en de AI werkvorm-bouwer bouwt je les. Wil je een stellingenspel als opening? Vraag erom met 'Verbeter met AI' en je krijgt stellingen bij jouw onderwerp, met stappen en timing.
Een stelling is een korte bewering waar je het mee eens of oneens kunt zijn, zoals 'Huiswerk moet worden afgeschaft'. Het is een mening en geen feit, dus er zijn goede argumenten voor allebei de kanten. In de klas gebruik je stellingen om leerlingen een standpunt te laten innemen en dat te laten onderbouwen.